Feeds:
Berichten
Reacties

Dear critical, politically and socially engaged football fans around the world,

My name is Hein Meurs and I am from the Netherlands. I’ve been campaigning through social media and publications for a while to make sure the Qatar 2022 World Cup isn’t held there. I also made a plea for this in the Dutch newspapers and on the news radio and I especially called on (sports) journalists to make a plea for this. Still, I think that the greatest chance to achieve this lies in a world famous (ex-) football player or football coach who speaks out against this World Cup. Given the current political and social climate, with a focus on racism and human rights, the chance of success in this seems realistic, provided it is constantly pointed out and published about it. But you, football fans / supporters, can also make your voice heard and, through your club, urge the KNVB – or your own union – to vote on a motion to boycott the World Cup in Qatar. In Norway in particular, advanced initiatives have already been taken in this area.

We recently set up the Cancel World Cup Qatar committee to be able to run an even broader and more targeted campaign. This committee also consists of sports historian Jurryt van de Vooren, politician Huub Bellemakers and ex-football blogger Teun Meurs.

If you would like to help us with this, please fill in this form.

https://docs.google.com/forms/d/e/1FAIpQLSdIOrlNSE0KuZ25vTQhd9hKCM8cWSukJHbyqCQaWN_3hdVHUA/viewform

You can also read our plans and strategy on our website and – perhaps most importantly – sign our petition. It is even better if you also recommend and distribute it within your network.

This petition, together with that of Freek de Jonge and the football magazine Panenka, will be presented to the KNVB at some point.

https://cancelqatar.nl/

We as football fans are emphatically not out to keep football players and football supporters from a World Cup. We strive for a massive boycott so that the World Cup is still moved and nobody has to miss a thing. If the Netherlands and the KNVB boycott the Qatar World Cup, this will be followed internationally and relocation can still be realized. We also make an urgent appeal to Dutch companies that trade in and with Qatar, and to major sponsors such as Coca Cola, Budweiser, Hyundai and Visa. Make a statement, stop funding and facilitate an event that has already, claimed more than 6,500 fatalities, according to The Guardian. Surely no company wants to be partly responsible for that?! All over the world there are blogs, Facebook pages and Twitter accounts calling for action against this World Cup and there are petitions that can be signed. All well-intentioned initiatives, but each less efficient and effective. Our call is therefore to join forces internationally to form a large, massive movement that can actually exert influence. With a much larger reach, so also much more chance of a big, well-known football name that will speak out. And that sponsors will change their mind and withdraw. Through this message and call, we hope for a much greater reach and worldwide cooperation, but also for useful tips, addresses, contacts and proposals to achieve this. Thanks in advance!

Hein Meurs

heinmeurs22@gmail.com
+31642728078
info@cancelqatar.nl
https://twitter.com/CancelQatar2022
https://www.facebook.com/CancelWKQatar2022

Mijn naam is Hein Meurs en ik kom uit Nederland. Ik voer al een tijdje campagne via sociale media en publicaties om ervoor te zorgen dat het WK Qatar 2022 daar niet wordt gehouden. Ik heb hiervoor ook een pleidooi gehouden in de Nederlandse kranten en op de nieuwsradio en heb vooral (sport)journalisten opgeroepen om hier een pleidooi voor te houden. Toch denk ik dat de grootste kans om dit te bereiken erin is gelegen dat een wereldberoemde (ex-)voetballer of voetbalcoach die zich uitspreekt tegen dit WK. Gezien het huidige politieke en sociale klimaat, met een focus op racisme en mensenrechten, lijkt de kans op succes hierin realistisch, mits er constant op gewezen en over gepubliceerd wordt. Maar ook jullie, voetballiefhebbers/supporters, kunnen je stem laten horen en er, via je club, bij de KNVB – of jouw eigen bond – op aandringen dat een motie om het WK Qatar te boycotten in stemming wordt gebracht. Met name in Noorwegen zijn op dat gebied al vergevorderde initiatieven genomen.

Onlangs hebben we het comité Cancel WK Qatar opgericht om nóg breder en doelgerichter campagne te kunnen voeren. Dit comité bestaat verder uit sporthistoricus Jurryt van de Vooren, politicus Huub Bellemakers en ex-voetbalblogger Teun Meurs.

Wilt u ons daarbij helpen, vul dan dit formulier in.

https://docs.google.com/forms/d/e/1FAIpQLSdIOrlNSE0KuZ25vTQhd9hKCM8cWSukJHbyqCQaWN_3hdVHUA/viewform

U kunt ook op onze website onze plannen en strategie lezen en bovendien – misschien nog wel het belangrijkste – onze petitie tekenen. Nóg mooier is als je hem ook binnen je netwerk gaat aanbevelen en verspreiden. Deze petitie zal, tezamen met die van Freek de Jonge en van het voetbalblad Panenka, op enig moment aan de KNVB worden aangeboden.

https://cancelqatar.nl/

Wij als voetballiefhebbers zijn er nadrukkelijk niet op uit om voetballers en voetbalsupporters een WK te onthouden. Wij streven naar een massale boycot opdat het WK alsnog wordt verplaatst en niemand iets hoeft te missen. Als Nederland en de KNVB het WK Qatar boycotten, zal dat internationaal navolging krijgen en kan verplaatsing alsnog gerealiseerd worden. Tevens doen wij een klemmend beroep op Nederlandse bedrijven die handel drijven in en met Qatar, en op de grote sponsors als Coca Cola, Budweiser, Hyundai en Visa. Maak een statement, stop met het financieren en faciliteren van een evenement dat volgens The Guardian nu al meer dan 6500 dodelijke slachtoffers heeft geëist. Daar wil toch geen bedrijf medeverantwoordelijk voor zijn?! Over de hele wereld zijn er blogs, Facebookpagina’s en Twitteraccounts waarin wordt opgeroepen tot actie tegen dit WK en zijn er petities die kunnen worden ondertekend. Allemaal goedbedoelde initiatieven, maar ieder voor zich minder efficiënt en effectief. Onze oproep is dan ook om internationaal de krachten te bundelen en daarmee een grote, massale beweging te vormen die daadwerkelijk invloed kan uitoefenen. Met een veel groter bereik, dus ook veel meer kans op een grote, bekende voetbalnaam, die zich uit gaat spreken. En dat sponsors zich gaan bedenken en zich terug gaan trekken. Middels dit bericht en deze oproep hopen wij op een veel groter bereik en wereldwijde samenwerking, maar ook op handige tips, adressen, contacten en voorstellen om dit te bereiken. Bij voorbaat dank!

Hein Meurs

heinmeurs22@gmail.com
info@cancelqatar.nl
+31642728078
https://twitter.com/CancelQatar2022
https://www.facebook.com/CancelWKQatar2022

Vanmorgen zat ik gedachteloos de krant te lezen toen mijn iPad oplichtte en het bericht verscheen dat Willy van der Kuijlen op 74-jarige leeftijd was overleden. Er voer een schok door mij heen. Nu ben ik zelf 70 en is het niet uniek dat mensen van mijn generatie, of ouder, overlijden. Helaas is dat onontkoombaar. Meestal betrek je dat op jezelf. Je wordt geconfronteerd met zowel je leeftijd als je sterfelijkheid. Een enkele keer ben je er emotioneel meer bij betrokken als het een familielid of een goede vriend(in) dan wel bekende betreft. Die ‘goede bekende’ kan iemand zijn uit je eigen netwerk, al dan niet uit het verleden. Maar het kan ook iemand zijn die ‘op afstand’ een prominente rol in je leven heeft gespeeld: een grote sportpersoonlijkheid, een muzikant, een politiek figuur, een schrijver.

Een heel enkele keer treft zo’n ‘op afstand’-overlijdensbericht je vol in het gezicht. Je schrikt er harder van dan in andere, op het oog vergelijkbare situaties. Dat was vanmorgen dus het geval, toen ik het overlijdensbericht van ‘onze Willy’ onder ogen kreeg. Ik wist dat het niet goed met hem ging en dat hij leed aan Alzheimer. Niet dat ik voortdurend op de hoogte was van zijn lichamelijke en geestelijke toestand, maar het was mij bekend dat hij hoe dan ook achteruitging. Dat dit nu al zou leiden tot zijn dood, had ik in de verste verte niet verwacht. Ook vandaar natuurlijk de grote schok.

Maar het is meer. Het is ook vanwege de briljante voetballer Van der Kuijlen en misschien wel bovenal door de uiterst beminnelijke en bescheiden mens die Willy was. Ik ben nog van de generatie die huizenhoog opzag tegen zijn helden en idolen. Dat ze destijds veel minder in beeld kwamen dan tegenwoordig, speelt natuurlijk mee. Maar ik zou eigenlijk het liefst hebben gehad, dat sterren als Cruijff, Pelé, Maradona, Van Hanegem, Van Basten, Bergkamp en dus Willy, op hun hoogtepunt waren gestopt en daarna nooit meer iets van zich hadden laten zien of horen. Dat we alleen nog de beelden en de foto’s hadden. Nou ja, omdat Cruijff nu eenmaal alle wetten tart, wil ik wel een uitzondering maken voor de trainer Cruijff; want daarin leefde de voetballer voort.

En nu we het toch over de man hebben: het heet dat Cruijff Willy’s interlandcarrière, al dan niet bewust, heeft gedwarsboomd. Hoe dan ook is Van der Kuijlen altijd in Johans schaduw gebleven. Terwijl hun potentiële voetbalkwaliteiten nauwelijks uiteenliepen. Qua persoonlijkheid kon echter het verschil niet groter zijn. Dat ze samen in Brabant carnaval vierden, leverde dan ook een van de meest curieuze foto’s ooit op.

https://images0.persgroep.net/rcs/CFviuAs1T7LFqQcN07IDPUSzDD0/diocontent/100836710/_fitwidth/694/?appId=21791a8992982cd8da851550a453bd7f&quality=0.8&desiredformat=webp

In Willy school geen groot trainer. Daar was hij niet de persoon voor. En ik kan het enigszins weten, omdat hij de (A1-jeugd)trainer is geweest van mijn zoon. Natuurlijk had hij kijk op het spel en dwong hij respect af vanwege zijn status en traptechniek. Maar hij miste ten enenmale de bravoure, de onverschrokkenheid, de verbale vaardigheden en het natuurlijke gezag; eigenschappen die onontbeerlijk zijn in het ‘moderne’ trainersvak. Wel leerde ik hem daardoor persoonlijk wat beter kennen en werd ik dus getroffen door zijn vanzelfsprekende ‘gewoonheid’. Dan zat ik aan de bar van de kantine koffie te drinken met een van de allerbeste voetballers die Nederland ooit heeft voortgebracht en was het alsof ik met de spits van het vijfde van de plaatselijke amateurclub zat te praten.

Een paar jaar geleden had ik het lumineuze plan opgevat om in het kader van het retrovoetbalevenement BallenopdeBerg zijn legendarische ‘door-het-net-doelpunt’ tegen FC Wageningen in het echt na te spelen met de hoofdrolspelers: Van der Kuijlen dus, Wageningen-doelman Bert van Geffen en arbiter van dienst Jan Keizer. Via via kreeg ik Willy’s mobiele nummer en ik belde hem. Hij nam vrijwel meteen op, maar wat bleek: hij zat in de auto ergens in een vakantieland. Hij stond me uiterst vriendelijk te woord, maar moest helaas verstek laten gaan vanwege die vakantieplannen.

Een jaar of twee geleden zag en sprak ik hem voor het laatst. Bij een jubileumviering van Chinees restaurant Mei Wah in Veldhoven. Net als mijn vrouw en ik kwamen de PSV’ers daar vaak in de jaren ’70 en ’80. Van het gezelschap waarin hij verkeerde, vernam ik toen ook al dat het in geestelijk opzicht bergafwaarts met hem ging. Zijn zichtbaar toegenomen kwetsbaarheid ten spijt, kon ik gelukkig nog een goed gesprek met hem voeren. En ook nu weer viel me Willy’s beminnelijkheid op. Uiteraard kon ik toen niet bevroeden dat hij een paar jaar later er niet meer zou zijn, maar daar werd ik me toen wel scherp en pijnlijk bewust van zijn en mijn vergankelijkheid.

Er is wat mij betreft op zijn minst nog één overeenkomst tussen Willy en Johan. De (na)schok die hun overlijdensbericht bij mij persoonlijk teweegbrengt, is alleszins vergelijkbaar en even groot. Hoezeer zij ook verschilden als persoon en qua voetbalcarrière. En dat zal ongetwijfeld tot uitdrukking worden gebracht in het verschil in aandacht dat er aan zal worden besteed. Maar voor mij waren ze even groot. Ze maakten beiden op mij een vergelijkbare, onuitwisbare indruk.

Willy van der Kuijlen was, ondanks zijn nukken, onmiskenbaar de sympathiekste, een man vol compassie. Maar op het voetbalveld straalde zijn ster als die van geen ander, waren zijn schoten met links én rechts meedogenloos hard en zuiver, zijn kapbewegingen ongeëvenaard.

‘Onze Willy’ is niet meer, maar in vele voetbalharten zal hij blijven voortleven. Moge hij rusten in vrede.

We zijn inmiddels met dit Twitteraccount en het comité Cancel WK Qatar alweer geruime tijd bezig om zoveel als mogelijk aandacht te krijgen en ophef te veroorzaken om ons doel te bereiken: het alsnog cancelen en verplaatsen van het WK naar een ander(e), wel geschikte locatie en tijdstip. Daarvoor hebben we nog zo’n anderhalf jaar de tijd. Dat wordt inderdaad krap en het had inderdaad al veel eerder moeten gebeuren, maar we geven de moed zeker niet op. Er hoeft maar één alarmerend bericht te komen, zoals dat van The Guardian over de ruim 6500 dodelijke slachtoffers, en de zaak kan zomaar een dusdanige schwung krijgen dat er wel móet worden ingegrepen.

Onze Twitteractie #nietbeschikbaar en #ikkijkniet, met een Oranje kaart voor de KNVB, rondom de eerste WK-kwalificatieronde van het Nederlands Elftal, was zonder meer een succes en zelfs enige tijd trending topic. Wij danken dan ook al onze volgers en sympathisanten voor het mede tot stand brengen van dit resultaat. Ook de petitie loopt goed en staat momenteel op zo’n 2650 ondertekeningen. Maar dat moeten er natuurlijk nog veel meer worden, dus, waarde medestanders, blijf je netwerk bestoken met het verzoek om te tekenen, te verspreiden en ons te gaan volgen. We hebben inmiddels een aantal prominente volgers, waarvan er een aantal met verve een ambassadeursrol voor onze missie vervullen.

Verder hebben we één Clubhouse-sessie achter de rug en beraden we ons op een volgende sessie met aansprekende namen en deelnemers uit en met diverse invalshoeken. Tips daarvoor zijn altijd welkom. De eerstkomende weken beraden we ons op meerdere acties en strategieën. Ook willen we meer gebruik gaan maken van aanbod en expertise van de vele sympathisanten en denken dan met name aan uitbreiding/intensivering van socialmediakanalen als Facebook en Instagram. Maar te denken valt eveneens aan internationale contacten, sponsoring, campagne, bedrijfsleven. Degenen die zich reeds hebben aangeboden, zullen hiervoor worden benaderd, maar je kunt je natuurlijk altijd alsnog aanmelden.

Wij zullen onze strategie de komende tijd vooral baseren op de invalshoek en het geluid vanuit onszelf, de voetballiefhebber/supporter. In binnen- en buitenland. Die zijn – uiteraard ver na de zeer te betreuren slachtoffers, nabestaanden, arbeiders en gediscrimineerden in Qatar – het meest de dupe van deze in alle opzichten verwerpelijke WK-toewijzing. De belangrijkste speler in het geheel – de consument, de kijker/toeschouwer, de contributiebetaler – komt in de discussie over de voors en tegens van een boycot nauwelijks tot niet aan bod. Dat geldt eveneens voor onze optie ‘cancelen en verplaatsen’: vrijwel niemand anders heeft het hierover. Te meer omdat wij zeker niet uitsluiten dat juist het weghalen van het WK uit Qatar het beste effect zal hebben op verbetering van de mensenrechten aldaar. Omdat het regime dan pas écht gaat beseffen dat ze er iets aan moeten gaan doen, om hun ambitie waar te maken: de grootste spotnatie worden. En om de gigantische investeringen terug te verdienen.

Maar ook uit sportief oogpunt is het onverteerbaar en onbestaanbaar dat een voetbalfeest, zoals een WK voetbal behoort te zijn, al bij voorbaat voor de voetballiefhebber in de kiem wordt gesmoord. Omdat hoe dan ook een WK in Qatar onmogelijk een feest kan zijn of worden, voor kijkers noch spelers. Ga maar eens juichen met in je achterhoofd het verdriet van de nabestaanden en het gekreun van de moderne slaven…

De kranten en overige media voeren de usual suspects op, vanuit de voor de hand liggende hoeken, daarmee suggererend dat aldaar de meest steekhoudende en zwaarwegende argumenten te halen zijn. En omdat het verondersteld meer lezers aantrekt. Bovendien blijkt uit alles dat diezelfde journalistieke wereld zich met het doorgaan van het WK in Qatar heeft verzoend. En wie iets als een voldongen feit beschouwt, heeft geen oog (meer) voor signalen en initiatieven die nog wel heil zien in andere opties. Waardoor we met onze visie vrijwel nergens een voet tussen de deur krijgen, voorzeker niet bij de landelijke kranten en andere podia. Saillant genoeg is daar in België meer aandacht voor. Vanuit de samenleving en media op kleinere schaal, ook buiten de voetbalwereld – van studenten journalistiek tot aan een radiozender voor jongeren – krijgen we daarentegen vele steunbetuigingen en verzoeken voor interviews. En ook vanuit het buitenland weet men ons te bereiken.

In het besef dat dit als een gefrustreerde klaagzang kan overkomen, hecht ik er toch aan om dit even te memoreren. Vooral ook omdat ik serieus meen dat de voetballiefhebber, de consument, in deze kwestie veel te weinig gehoord wordt en dat er veel te weinig met onze soort rekening wordt (is) gehouden. Toegegeven, de consument mag zich ook wel meer roeren en zijn of haar bond aanspreken. De vaststelling dat de (club)supporter weinig heeft met Oranje en een WK, is slechts een gedeeltelijke verklaring en is bovendien in moreel opzicht dubieus, omdat deze kwestie het club- en interlandvoetbal overstijgt. Deze kwestie raakt het voetbal in de ziel, in het hart.

Let wel, wij gaan zeker niet bij de pakken neerzitten, en rekenen en vertrouwen erop dat jullie dat ook niet doen. Blijf ons op de voet volgen en onze boodschap uitdragen. Probeer ook je club en mede-supporters ervoor te porren om actie te voeren en de KNVB blijvend te bestoken met het protestgeluid van de voetballiefhebber wiens geliefde sport wordt bezoedeld en verkwanseld door een corrupt toegewezen WK in een land dat op grote schaal mensenrechten schendt. #CANCELANDREMOVEWCQATAR

Image

Onlangs organiseerde de KNVB een symposium over mensenrechten en sport, met betrekking tot het WK Qatar 2022. Werd dit vooraf al niet aan de grote klok gehangen, de aandacht hiervoor tijdens en na afloop was helemaal nihil. Hoeveel personen het symposium online hebben bijgewoond, is mij ook niet bekend. Nergens ben ik een verslag, laat staan een tv-item erover tegengekomen. Hoogstwaarschijnlijk ben ik de enige die er een aantal tweets aan heeft gewijd op @CancelQatar2022. Ook daarop waren de reacties minimaal en alleen sporthistoricus Jurryt van de Vooren reageerde er desgevraagd uitgebreid op. 

Waardoor vallen deze publiciteitsstilte en geringe animo te verklaren? Terwijl toch vrijwel iedereen vindt dat het WK in Qatar ongewenst is, tenminste dat het nooit aan Qatar had mogen worden toegewezen. Maar tussen dat laatste van mening zijn én het daadwerkelijk daaraan consequenties verbinden, zitten vele variaties. En, iets wat elk langer slepend onrecht overkomt, de Qatar-moeheid is onverbiddelijk toegeslagen. Daar komt dan ook nog bij dat het ver van ons bed is, dus we er zelf geen last van hebben. 

Maar misschien wel het meest doorslaggevend voor het luwen der verontwaardiging is het feit dat het steeds dichterbij komt, dat ‘we’ ons kunnen kwalificeren en het voetbal niet willen missen. We kunnen het toch niet meer voorkomen en bovendien: nu de stadions af zijn, moet het ook maar doorgaan, want anders zijn al die doden en slavenarbeid vergeefs geweest. Dat die met bloed besmeurde stadions straks weer worden afgebroken en het  – dixit Willem Vissers van de Volkskrant – je geliefde maar zal zijn die hiervoor het leven heeft gelaten, nemen we dan maar even op de koop toe.

 

Afgezien van al die aanvankelijke ‘tegenstanders’ die niets meer dan selectief verontwaardigd voor de bühne waren, zijn er nu velen die struisvogelpolitiek bedrijven, vermoed ik. Die zich angstvallig gedeisd houden omdat ze iets gedogen en straks – om te beginnen met de kwalificatie – gaan bijwonen of bekijken, waarvan ze diep in hun hart beseffen dat het in alle opzichten fundamenteel fout is. Waarvoor ze zich schamen of zich in allerlei bochten wringen om het te rechtvaardigen. Dat varieert van het houden van symposia tot aan bovengenoemde drogredenen en intenties om tijdens het toernooi protestacties en ‘de vinger aan de mensenrechtenpols te houden’.  

Er werden tijdens het symposium vele, op zich prijzenswaardige initiatieven gepresenteerd en aangeprezen door vertegenwoordigers van de organisaties die hier bovenaan in het programma vermeld staan. Maar het is de omgekeerde weg. Dit had eerst moeten gebeuren, om daarna, bij goed gevolg, pas te beoordelen of Qatar een geschikte plek is voor een WK. Nu probeert men alsnog recht te praten wat hartstikke krom is. Daaronder valt ook – hoe urgent ook – de intentie om zich hard te maken voor een passage over mensenrechten met het oog op toekomstige toewijzingsprocedures. Allemaal mosterd na de maaltijd, met het WK Qatar als wansmakelijk hoofdgerecht. 

Het cancelen van die hap zou het enige aanvaardbare recept zijn geweest. Nu blijft hoogstwaarschijnlijk alleen nog een massale boycot over om de vieze smaak nog een beetje weg te spoelen. 

Ome Hein 70

Onlangs werd ik 70 jaar jong. Dat ik deze gezegende leeftijd zonder al teveel kleerscheuren heb bereikt, is op zich al een heuglijk feit. Toch zou er weinig aandacht aan worden geschonken. Sowieso vier ik mijn verjaardag al jaren niet meer met bezoek, omdat we rond deze tijd vaak op vakantie zijn. Maar natuurlijk ook vanwege die verrekte corona.

Dit jaar gingen we de dag vooraf naar Amsterdam om daar op te passen en ook te blijven slapen, om dan de volgende dag in familiekring toch mijn verjaardag een beetje luister bij te zetten. Prettige bijkomstigheid was dat ik op zaterdagmorgen mijn kleinzoon weer eens kon zien voetballen bij good-old De Volewijckers. En bovendien konden we het combineren met de verjaardag van ons jongste kleinkind, op de zondag aansluitend, in Weesp.

De oppasdag verliep weliswaar nogal verrassend en onvoorspelbaar, maar dat is altijd de charme van dit huishouden geweest. Tegen de avond zou ik kleinzoonlief, samen met diens vader, op gaan halen van de training en ondertussen zou er door de anderen friet worden gehaald. Want patat lusten wij Brabo’s niet. Bij het sportpark gearriveerd, liep zoonlief richting het hoofdveld, dus ik vermoedde dat de training eenmalig daar ergens in de buurt was.

Ome Hein 70

Het hoofdveld oplopend en overstekend, draai ik onwillekeurig mijn hoofd richting de tribune en ben tot mijn stomme verbazing getuige van afgestoken knallend vuurwerk en rookbommen. In een flits bedenk ik dat die maffe zoon van me een paar Volewijckers zo gek heeft gekregen om mij aldus te verrassen voor mijn verjaardag. Maar als de rook langzaam optrekt, ontwaar ik de ene na de andere bekende, naast mijn echtgenote, mijn andere zoon, mijn schoondochters, mijn kleinkinderen en nog een paar andere familieleden. Ik sta volkomen perplex.

Onder de bekenden een aantal inmiddels dierbare ‘blogbroeders’, Voetblah-scribenten (speciaal voor Marcel;-)) en medewerkers van hét voetbalcultuurmagazine Staantribune, die ik allemaal in de loop der jaren heb leren kennen in verband met redactiewerk en het organiseren van een aantal retrovoetbalevenementen, te weten IndenBanvanAbe, BallenopdeBerg en Hargabal, in respectievelijk Haarlem, Wageningen en Schiedam.

Nog maar nauwelijks van de verbazing bekomen, wordt mij een shirt overhandigd dat bestaat uit delen van shirts van alle clubs waar ik gevoetbald heb. Dat zijn achtereenvolgens Marvilde (Veldhoven), SV Oostrum uit de gelijknamige plaats, RKVVO en Rood-Wit, eveneens uit Veldhoven.

De gerenommeerde ‘voetbalshirtprofessor’ Floor Wesseling is verantwoordelijk voor dit unieke kunststukje en is hierover zelf klaarblijkelijk zó mee in zijn nopjes dat hij van plan is om het op te nemen in een boek waarin nog meer groten der aarde komen te staan. Maar zonder gekheid: ik mag daarin dus figureren naast echte voetbalsterren!

Hierna wordt duidelijk dat er een heuse voetbalwedstrijd op het programma staat, waarin ikzelf ook word geacht mee te spelen. Maar ook vrijwel alle aanwezigen, inclusief mijn vijf kleinkinderen – die reeds in vol voetbaltenue-ornaat achter de bal aan huppelen – zullen meedoen. Helaas gooit ook nu weer dat kutcorona roet in het eten, omdat een van de aanwezigen de melding krijgt positief te zijn na een eerder die week afgenomen test. En dus onverwijld met aanhang het sportpark moet verlaten. Daaronder ook, tot mijn en hun grote verdriet en teleurstelling, twee van mijn kleinkinderen. Na  ampel overleg wordt besloten om de voetbalwedstrijd te schrappen. Wel wordt afgesproken om op de tribune nog wat te drinken en te snacken, uiteraard met inachtneming van de coronaregels. Gelukkig zijn verder alle aanwezigen daartoe bereid.

Mooie gelegenheid dus om iedereen die de moeite heeft genomen om erbij te zijn, te begroeten en te bedanken voor de enorme verrassing. Ik mag nog wat cadeautjes in ontvangst nemen, maar uit handen van mijn kleinkindkoningin, de oudste, ontvang  ik een waarlijk schitterend geschenk: een ingelijste oude voetbalfoto van mij, gehaald van een elftalfoto, prominent voor op een gefingeerde Staantribune-cover. Prachtig ingekleurd door een van onze dierbare blogbroeders van Kentudezenog, Jasper Theodorie. Verder daarop vermeld al ‘mijn’ voetbalclubs en retrovoetbalevenementen. Een overweldigend en uiterst origineel cadeau!

Na nog een rondje langs de ‘blogbroeders en – zusters’, word ik naar het midden van de tribune gedirigeerd, alwaar mij wordt verzekerd dat ik nu iets te horen ga krijgen over en van iemand, wat mij zeker aan zal spreken. Er wordt een geluidsapparaat hooggehouden, er klinkt een mij vertrouwde begintune en ik hoor de stem van iemand die ik meteen herken: Frank Heinen! Eerst denk ik nog dat hij het gaat hebben over iemand die ik bewonder, maar het blijkt over mijzelf te gaan! Mijn emoties krijgen de overhand, want het gaat dus niet over iemand DIE ik bewonder, maar het wordt gesproken DOOR iemand die ik adoreer! En hij heeft het over mij! Het is helemaal in de stijl van zijn befaamde en alom geprezen Eindsignaal, waarmee hij op zondag altijd Studio Voetbal afsluit. Deze zeer speciale, dierbare editie krijgt de naam Heinsignaal mee. Ik krijg tranen in mijn ogen en wordt overmand door een mengeling van intense ontroering, vreugde en dankbaarheid; sorry, ik kan er echt niets anders van maken.

Frank Heinen zegt weleens dat ik misschien wel zijn grootste fan ben. Of dat waar is, weet ik niet, maar dat ik al jaren zeer gecharmeerd ben van zijn schrijfstijl en invalshoeken, is een understatement. Wij kennen elkaar een beetje van een paar evenementen en van Voetblah en Staantribune, maar op basis daarvan alleen kon zelfs Frank natuurlijk geen Heinsignaal maken. Maar met de informatie die hij van mijn dierbaren kreeg toegespeeld, wist hij natuurlijk wel raad en gaf er zijn geheel eigen Eindsignaal-draai aan. Met een schitterend eindresultaat!

Het behoeft geen betoog dat ik hiervan op de tribune nog een tijdlang heb nagenoten en over heb nagepraat. Het duurde wel even voordat ik de emoties had verwerkt en alles goed tot me was doorgedrongen. Legio foto’s en filmpjes passeerden de revu en het Heinsignaal heb ik eerlijk gezegd inmiddels al diverse keren beluisterd.

Ik had helemaal niks verwacht en zeker niet in deze trant. Daar komt nog bij dat ik hoorde dat de blogbroeders en mijn dierbaren hier al geruime tijd mee bezig waren en dat het ook nog eens flink was afgeschaald (om even in de thans populaire terminologie te blijven). De oorspronkelijke plannen waren kennelijk nog veel ambitieuzer. Ook hier werd  corona de spelbreker, omdat nogal wat beoogde deelnemers het niet aandurfden om te komen en het sowieso te druk zou worden. Dat op de valreep ook nog het voetballen moest worden afgeblazen, was natuurlijk een domper. Vooral voor de initiatiefnemers, de spelers en mijn kleinkinderen in het bijzonder, die er zich zo ontzettend op hadden verheugd. En het was vooral ontzettend jammer dat twee kleinkinderen met hun ouders na een korte aanwezigheid naar huis moesten.

Maar dan nog bleef er voor mij zó veel moois en verrassends over, dat ik er met heel veel dankbaarheid en intens genoegen op terugkijk. En dank hiervoor dan ook iedereen uit de grond van mijn hart. Natuurlijk mijn lieve echtgenote, mijn prachtzonen en wonderschoondochters. Daarnaast de aanwezige blogbroeders, met op de eerste plaats Mathieu van Strijp, die naar verluidt de eerste slinger eraan heeft gegeven. De blogbroeders van het eerste uur, Marcel Stephan, Rodney Rijsdijk en Gerben Kappert. De Voetblah-redacteuren Tim Jansen en Tim Cardol, de Smakmannen en -vrouw (nicht). Mijn dierbare blogzuster Annemarie Postma. Evenement-broeder Maarten Tuininga. Mijn broer Theet en partner Yet, mijn neven Tom en Tim Meurs. Mijn Staantribune-collega’s Jim Holterhues, Eric de Jager en Michiel Wilman. En tot slot mijn geweldige, prachtige kleinkinderen Lin, Manus, Minne, Liva en Izzie!

Het was fantastisch! Waarvan akte.

Ome Hein 70

PS: Blogbroeder en co-evenementorganisator van het eerste uur, Marcel Stephan, heeft een prachtig stukkie over deze activiteit geschreven en wie meer van de mooie plaatjes is, kan hier terecht.

Verantwoording

Beste volgers (in spe), ik moet even wat kwijt over dit account. Ik verkeer al jarenlang op Twitter, eerst met @heinscatchup-Mazuro. Later beheerde ik zowat in mijn eentje het @Voetblah-account en sinds het weblog Voetblah ophield te bestaan, bestier ik dit account verder zelfstandig onder @Voetblah-Mazuro. Daarmee heb ik vanaf de toewijzing in 2010 van het WK 2022 aan Qatar met enige regelmaat laten weten ertegen te zijn en ook oproepen gedaan dat te ondersteunen. Omdat ik me aanvankelijk helemaal niet kon voorstellen dat men dit WK in Qatar doorgang zou laten vinden en ervan uitging dat dit sowieso een vroegtijdige dood zou sterven, heb ik er de eerste jaren niet zo hard aan getrokken.

Vorig jaar groeide bij mij het besef dat ondanks de vele tegenwerpingen, contra-indicaties en wantoestanden, het nodig was om er meer structureel en intensief aandacht aan te besteden. Ik schreef een ingezonden brief, die in het AD en ED werd geplaatst, en naar aanleiding hiervan discussieerde ik met Willem Vissers en Sjoerd Mossou op NPO Radio 1. Mijn standpunt was dat (sport)journalisten zich vaker en nadrukkelijker uit zouden moeten spreken tegen en over dit WK.

Hierna ben ik me op @Voetblah-Mazuro veel meer met actie voeren tegen dit WK bezig gaan houden, iets wat vooral het geval was rondom de trainingskampen die PSV en Ajax in Qatar hielden eind vorig/begin dit jaar. Daarna brak de coronatijd aan en ben ik een paar maandjes doelbewust terughoudend geweest met dit onderwerp. Wel groeide het besef dat ik beter een Qatar-twitteraccount kon aanmaken, om niet het Voetblah-Mazuro-account hiermee te overstelpen.

Op 16 juni heb ik daarom het Twitteraccount @CancelQatar2022 de ether ingeblazen, ook al omdat er vanuit verschillende media werd bericht over nog steeds heersende wantoestanden bij de bouw van de WK-stadions. Dat is dus – benadruk ik voor degenen die er mij van betichten meegelift te zijn op de golven van de Veronica Inside-publiciteit – twee à drie dagen voordat de sponsors en Oranje-spelers zich van het programma afkeerden. De uitzending zelf op 15 juni heb ik helemaal niet gezien.

Het is sowieso treurig dat ik me daarvoor moet verantwoorden en ik begrijp überhaupt niet waarom iemand zijn pijlen richt op de boodschapper in plaats van op de boodschap. Tegelijkertijd loop ik lang genoeg mee om te weten dat het helaas zo werkt en dat ik daar boven moet staan. Dat ik me moet richten op de inhoud en alleen daarop en daarover moet reageren en berichten.

Maar ik ben ook maar een mens en heb me toch laten verleiden tot (teveel) whataboutism, tot te snel iemand van repliek willen dienen en zelfs tot het blokkeren van personen die hardnekkig mijn intenties ter discussie stelden. Als ik ergens slecht tegen kan, is wanneer iemand mijn zuivere bedoelingen in twijfel trekt. En dan vooral als dit wordt toegepast om het onderwerp te mijden of om zichzelf of zijn club te verschonen. Maar ik weet ook dat blokkeren niet de, althans niet mijn, methode is om hiermee om te gaan, hoe ergerlijk en energie slurpend dit soort ‘discussies’ vaak ook zijn. Omdat ze afleiden van het hoofddoel en dat is een verplaatsing – of anders een boycot – van het WK Qatar.

Hoe dan ook, ik maak de ‘blokkades’ ongedaan, in de hoop dat de betrokkenen mij – en feitelijk dus de kwestie Qatar – niet onnodig lastig vallen met ‘intentieverklaringen’. Discussies over de inhoud, graag zelfs! Vind je het allemaal onzin, blijf dan weg, ook als deze verantwoording je niet overtuigd heeft, want je hebt je punt al gemaakt en hebt toch al besloten om niet van gedachten te veranderen.

Wat mij betreft is de zaak nog lang niet beklonken en zijn er nog voldoende aanknopingspunten om de hoop levend te houden dat dit WK niet in Qatar plaats gaat vinden. Of anders, dat er van een substantiële boycot sprake zal zijn. Waarvan akte.

Cancel WK Qatar 2022

Op het gevaar af dat deze dringende oproep wordt gezien als de zoveelste protestactie in deze demonstratieve tijden, wil ik toch even jullie aandacht hiervoor vragen. Je zou kunnen stellen dat het oudere rechten heeft, want het speelt al langer en dateert al van 2010. En misschien hebben we ook wel het tij mee omdat er momenteel alom wordt geappelleerd aan gevoelens van en voor onrecht.

Want dat het WK Qatar 2022 één groot onrecht vormt, staat buiten kijf. Werkelijk alles aan dit WK is dubieus. De toewijzing is corrupt verlopen; de locatie is onzinnig vanwege het voor sport onmogelijke klimaat; er ontbreekt ieder spoor van voetbalcultuur; de bouw van de stadions heeft al vele dodelijke slachtoffers gekost; de arbeiders moeten werken onder het juk van moderne slavernij en wanbetaling en allerlei toezeggingen om hun omstandigheden te verbeteren, hebben tot dusver niets opgeleverd. En dat terwijl diezelfde stadions na afloop van het WK weer zullen worden afgebroken. Moeten ze toch worden gesloopt, doe dat dan alsjeblieft nu meteen. Dat zou de immigranten (want dat zijn vrijwel alle arbeiders) een boel verdere ellende besparen en zou ook in andere opzichten heel veel onrecht voorkomen.

Eigenlijk zou één van deze ongerechtigheden al voldoende moeten zijn voor onmiddellijke stopzetting, maar in hun onmetelijke wijsheid blijven de FIFA-bonzen vooralsnog volharden in hun overtuiging dat doorgang een te rechtvaardigen zaak is. Daarbij kennelijk geruggensteund door de tot dusver vrijwel geheel afwezige protesten vanuit de voetbalwereld zelf; of het nu nationale bonden, spelers, trainers of voetbaljournalisten zijn – kennelijk durft vrijwel niemand zijn vingers eraan te branden. Leg je je oor individueel te luister, dan heeft zowat iedereen zijn bedenkingen, maar haast zich dan wel erbij te vermelden dat het aan de ander – of de andere instantie – is om aan de bel te trekken. Van enige bereidheid om gecoördineerd, collectief een front te vormen, is vooralsnog geen sprake. Er heerst alom een ergerlijke mengeling van apathie, cynisme en moedeloosheid: je kunt er toch niets tegen doen, het gaat sowieso toch door, het is puur een geldkwestie en meer van dit soort gemeenplaatsen.

Terwijl er wel degelijk al van het begin af aan talloze publicaties zijn geweest in binnen- en vooral buitenland over de wantoestanden rondom dit WK. Vooral Amnesty International en The Guardian lieten zich niet onbetuigd in dit opzicht. In Nederland waren het met name Trouw en NRC die erover berichtten, al waren dat vaak artikelen die van Amnesty en The Guardian werden overgenomen. Nieuwsjournalisten hebben zich in dezen dus zeker van hun taak gekweten, maar vanuit de voetbaljournalistiek bleef het, op een enkeling na, oorverdovend stil. De Volkskrant-journalist Willem Vissers sprak zich al in een vroeg stadium ertegen uit, maar beklaagde zich later erover dat hij vanuit de voetbalwereld en van collega’s nauwelijks tot geen bijval kreeg. Ook zou dit alleen in Nederland een item zijn, bij buitenlandse voetbaljournalisten leefde dit helemaal niet, volgens Willem.

Dit kreeg ik te horen toen ik met hem en AD-journalist Sjoerd Mossou hierover in discussie mocht bij NPO Radio 1. Dit naar aanleiding van mijn in het AD – en later ook het ED – gepubliceerde opinie, waarin ik de voetbaljournalistiek teveel afzijdigheid verweet en opriep om tegen dit WK in het verzet te komen, meer onderzoek hiernaar te plegen en er meer aandacht aan te schenken. Ook nu was de reactie in de trant van ‘je moet hiervoor niet bij ons zijn, wij zijn geen actievoerders, het leeft nauwelijks in het (buiten)land’. Wel gaf Willem aan dat hij het WK zou gaan boycotten. Dat is tenminste iets.

Mede getriggerd door de opmerking dat het in het buitenland nauwelijks zou leven, ben ik contact gaan zoeken met bekende buitenlandse voetbaljournalisten, -tijdschriften en overige -media. Dat leverde inderdaad een teleurstellende oogst op. Van 11Freunde kreeg ik in elk geval nog een reactie. David Winner stuurde me een uitgebreide respons, maar verder leverde het, ondanks herhaalde pogingen, niets meer op. Het zal ongetwijfeld ook wel met mijn gebrek aan status in de (journalistieke) voetbalwereld te maken hebben, maar het zegt iets natuurlijk. Hoe dan groeide bij mij het besef dat alleen een statement van een (wereld)bekende (ex-)voetballer of eventueel een trainer echt zoden aan de dijk zou zetten. Zoals nu Marcus Rashford in Engeland erin slaagt om doorslaggevend iets af te dwingen, zo moeten er toch meer geëngageerde (ex-)voetballers zijn die het een schande vinden dat er onder deze omstandigheden en condities een WK voetbal in Qatar wordt gehouden.

Want ja, black lives matter, dus ook de, al dan niet black, lives van arbeidsmigranten in Qatar. Van hen, die het leven hebben gelaten bij de stadionbouw. Want ja, racisme en discriminatie zijn verwerpelijk, dus ook in het land waar alle mensenrechten die er voorhanden zijn, worden geschonden. Want ja, slavernij was een schandvlek in de geschiedenis, maar in Qatar heerst nog steeds een moderne vorm van slavernij, omdat de arbeiders aan de stadions al jarenlang worden uitgebuit en onderbetaald. Zoals reeds vermeld, hebben de FIFA en de plaatselijke instanties al meerdere malen aangekondigd dat er verbetering op komst is, maar onlangs nog is gebleken dat dit loze beloften waren.

Bouwvakkers in het Lusail Iconic Stadium in Doha, Qatar.

Hoe is het in godsnaam mogelijk dat een situatie, waarvan ieder zinnig denkend mens vindt dat deze onbestaanbaar is en in alle opzichten en van alle kanten rammelt, nog steeds niet is afgeblazen?!

In deze tijd, waarin het lijkt alsof iedereen op de barricades staat tegen onrecht, corruptie en onderdrukking; waarin iedereen in de bres lijkt te willen springen voor solidariteit, gelijkheid en verdraagzaamheid, zou je toch verwachten dat men zich ook massaal keert tegen de wantoestanden rondom het WK in Qatar. Of is dit toch de ‘te ver van mijn bed-show’? Is de macht Koning Voetbal, met al zijn geld en commercie, te sterk? Maakt het de spelers dan helemaal niets uit waar ze hun beroep moeten uitoefenen en wat daar allemaal voor heeft moeten wijken? Maakt het de voetballiefhebber uiteindelijk geen zak uit waar – en onder welke omstandigheden tot stand gekomen – het voetbal wordt gespeeld waar hij/zij vanuit zijn/haar luie stoel naar zit te gluren?

Zolang we nog de tijd hebben er iets aan te doen, weiger ik dat te geloven. Noem het maar tegen beter weten in, noem het vechten tegen de bierkaai, noem het ijdele hoop – ik blijf doorgaan tot het een voldongen feit is. En is dat straks onverhoopt het geval, dan zal ik het sowieso boycotten en er dus niet naar kijken. Met Willem Vissers ben ik dan ik in elk geval in goed gezelschap.

Momenteel is de boycot door ‘onze’ internationals van Veronica Inside en Johan Derksen in het bijzonder brekend en alom verspreid nieuws. Mijn inziens een terechte boycot, alleen al omdat je sowieso iets wat al jaren uiterst voorspelbaar, dus ‘gewoon’ slecht is geworden, moet boycotten. Menigeen legt nu een link met Qatar en wijst erop dat ‘onze’ jongens beter, of in elk geval ook, dat WK zouden moeten boycotten. Nou, graag zelfs, Maar dit lijkt een vorm van selectieve verontwaardiging en opportunisme waarop niemand, en zeker niet de anti-WK Qatar-beweging, zit te wachten. Aandacht hiervoor, prima! Hoe meer, hoe beter. Maar dan wel graag vanuit oprechte en vooral structurele betrokkenheid en niet als oprisping of met een dubbele agenda.

Veronica Inside

Onlangs heb ik het twitteraccount @CancelQatar2022 geopend en in een paar dagen tijd hebben zich al ruim 650 volgers aangemeld. Dat is veelbelovend, maar nog lang niet genoeg natuurlijk. Ook nu weer heb ik bekende voetbaljournalisten gevraagd ons te volgen en er liefst ook een slinger aan te geven. Op een enkeling na, voelde zich tot dusver niemand geroepen er gevolg aan te geven. Het zal toch niet zo zijn dat ‘ons’ voetbaljournaille de kop in het woestijnzand blijft steken?

Maar ook zonder hun hulp en ondersteuning moet het mogelijk zijn om een brede beweging op te zetten, waardoor er hopelijk een grote, bekende voetbalnaam opstaat en zich tegen dit vermaledijde initiatief uitspreekt. En er kwam onlangs hulp uit zowel onverwachte als (nou ja..) onverdachte hoek. Zelfs de vleesgeworden corruptie Sepp Blatter pleit ervoor om dit WK naar elders te verplaatsen! Kortom, we blijven hopen!

Wiens idee het was? Ik weet het echt niet meer. Het zal Ties wel geweest zijn. Onze flamboyante, corpulente Limbo en fervent Ajax-fan. Net als ik destijds, maar dan toch vooral vanwege Cruijf-Keizer. Met die lekker brutale uitstraling. Noem het arrogantie, maar die was toen in ieder geval ergens op gebaseerd. Want Ajax speelde het beste voetbal ter wereld. Ze hadden na de Europa Cup I weliswaar niet de Wereldbeker gewonnen in 1971 – want zegden af voor die wedstrijd vanwege een te druk schema – maar vriend en vijand waren het erover eens: dit Ajax was het allerbeste clubteam in die jaren. Dat zouden ze in 1972 wel eens even in cijfers uit gaan drukken. Het Argentijnse Independiente, na de 1-1 in de uitwedstrijd, moest eraan geloven. En wij – Ties, nog een collega, wiens naam ik ben vergeten, mijn toenmalige vriendin, thans echtgenote, en ik – wilden dat wel eens met eigen ogen aanschouwen.

Op D-day, 28 september 1972, ben ik negen dagen eerder 22 jaar jong geworden. In plaats van net aan een nieuw profvoetbalseizoen te zijn begonnen, was ik een leerling-verpeegkundige B (psychiatrie) in Venray. Dat was een zogenaamde inservice-opleiding van drie jaar: je had een leerling-contract, waarbij inbegrepen één lesweek per maand, de rest van de tijd werkte je op een afdeling. Ik was geboren en getogen in Veldhoven, maar woonde in Venray aanvankelijk intern op kamers in het hoofdgebouw; tezamen met een paar medeleerlingen en enkele Broeders van Liefde in ruste. Deze congregatie had in 1907 Sint Servatius, thans het Vincent van Gogh voor GGZ, opgebouwd. Omdat mijn driejarige verblijf in Venray kan worden beschouwd als een uitgestelde pubertijd, deed ik mijn uiterste best om qua kamerbezoek en -gebruik mijn Broeders van Liefde qua naam zoveel mogelijk eer aan te doen. Dat deze naam jaren later de nodige dubieuze associaties oproept, dat kon ik destijds natuurlijk niet bevroeden. In toch bijna een heel jaar tijd ben ik er trouwens nooit eentje tegen het lijf gelopen. Vandaar ‘in ruste’ waarschijnlijk. Later ging ik inwonen bij een getrouwde collega op een flat.

Waar de huidige gezondheidszorg grotendeels door vrouwen wordt geregeerd, was daar in de jaren zeventig zeker geen sprake van. En al zeker niet in de psychiatrie en gehandicaptenzorg in het zuiden des lands. Daar voerden de mannen de boventoon, in Limburg vooral vanwege de sluiting van de mijnen. Ongetwijfeld ligt daar ook een oorzakelijk verband met het hoge sportieve gehalte van deze sector toentertijd. Elke instelling of ziekenhuis had een bloeiende sportvereniging en er werden volop evenementen en toernooien georganiseerd. Een sportieve achtergrond was bij sollicitatie veeleer een aanbeveling dan ‘graag willen werken met mensen’.

Zo ook dus op ‘Servaas’, de werknaam in de regio. Wij hadden een kwalitatief sterke voetbalselectie die niet alleen menig prijsje binnenhaalde, maar ook in sociaal opzicht van een niet te onderschatten belang was. Geen wonder dus dat voetbal ook in mijn Venray-tijd nog steeds een cruciale rol speelde. Want als regionaal erkend voetbaltalent – en ook nooit bewust met iets anders bezig te zijn geweest – bleek een betaaldvoetbalcarrière toch niet voor mij weggelegd. Testwedstrijden voor EVV Eindhoven en Willem II, onder respectievelijk Hennie Hollink en Jaap van der Leck, ten spijt. Ik was een (te) mager scharminkel met een voor topsport ongeschikte motoriek, is mijn verklaring achteraf. Dat vond men destijds ook van Cruijff trouwens…

file:///Users/heinmeurs/Pictures/Voetbalfoto%20Oostrum%20IMG_6028.jpg

Ties bezat als enige van ons een voertuig, een vehikel dat het omgekeerde bewijs was van de stelling ‘hoe kleiner de man, hoe groter de auto’. Eigenlijk was er naast Ties zelf nauwelijks nog plaats in het autootje. Als ingeblikte sardientjes gingen wij gevieren op weg naar Amsterdam, met bestemming Olympisch Stadion. Mijn enige wedstrijdbezoek ooit aan deze betonkolos. Wel keerde ik er zo’n 45 jaar later nog eens terug als (sic!) OldStar Walking Football voor een toernooi. Waarbij nota bene Sjaak Swart ook weer aanwezig was. Al is dat ook weer niet zó vreemd, omdat Paco werkelijk overal acte de présence geeft. De hernieuwde aanblik van het inmiddels door monumentenzorg omarmde complex riep bij mij geen enkele herkenning op.

Ook mijn herinneringen aan de wedstrijd zijn diffuus, maar dat geldt voor vrijwel al mijn herinneringen van vroeger. Ik ben daarvoor té sfeergevoelig en me te weinig bewust van mijn omgeving. Wel weet ik nog dat we vrij hoog in het stadion zaten en dat de twee doelpunten van Johnny Rep zich in het verlengde van ons gezichtsveld afspeelden. Dus speelde Ajax in de eerste helft van links naar rechts.

Omdat ik mijn grote idool Cruijff voor de eerste keer in levenden lijve zag voetballen, was ik nogal opgewonden. Ik spiegelde me aan hem, leek er als mager scharminkel zelfs een beetje op, en trapte, net als Johan, nagenoeg elke bal met effect. Eigenlijk had ik daar ook kunnen staan… Maar bij Johan was elke effectbal functioneel, bij mij was het toch vooral effectbejag.

De grote ster speelde niet zijn allerbeste wedstrijd, maar daar had ik toen geen oog voor en oren naar. Barry Hulshoff heerste niet alleen soeverein achterin, maar schakelde zich opvallend vaak en ook nog eens verrassend goed aanvallend in. Ik genoot van de balvastheid van supertechnicus Gerrie Mühren. Ook de blonde Duitser Horst Blankenburg maakte indruk met zijn superieure spel. En rechtsback Willem Suurbier denderde steeds over rechtsbuiten Sjakie Swart heen, om dan traditiegetrouw een slechte voorzet af te geven.

Van de gevreesde hardheid van de Argentijnen is me niets bijgebleven, daarvoor was Ajax ook te sterk. En uiteraard gooiden met name Neeskens en Suurbier er af en toe een avant la lettre Afrikaanse tackle in, waarbij de overtredingen van de opponent verbleekten. Al kreeg De Nees nog wel even een koekje van eigen deeg. De beslissende goals van Rep staan nog wel scherp op mijn netvlies. De jeugdige vervanger van Swart rondde tot tweemaal toe evenzovele, perfecte assists van Cruijff (uiteraard buitenkantje rechts) koelbloedig af. De Wereldbeker was binnen. En dat moest gevierd worden.

Wij dus de stad in. We wilden naar het beruchte café Royal van tante Leen, maar eenmaal daar gearriveerd, bleken ze al met de benen buiten te hangen. Dan maar de kroeg ernaast, waar geen kip te bekennen was. Dat duurde echter niet lang. Binnen de kortste keren wisten we als erkend feestvierende zuiderlingen de zaak in beweging te zetten, stroomde de kroeg vol met anderen die bot vingen bij tante Leen en ging het dak eraf. Waarschijnlijk heeft de uitbater hiervóór en daarna nooit meer zo’n omzet gedraaid.

Hoe laat het is geworden? Geen flauw idee. We moesten nog wel terug in onze limousine en het kan niet anders dan dat Ties ons weer keurig in Venray of in Veldhoven heeft afgeleverd. Voor alle duidelijkheid: zijn bourgondische verschijning ten spijt, was Ties geheelonthouder. Met dien verstande dat er eerst nog wel een onverantwoord vette hap naar binnen moest worden gewerkt alvorens de thuisreis te aanvaarden.

Hoe zou het nu met Ties zijn? Ik heb ‘m na mijn Venray-tijd nooit meer gezien of gesproken. Zou hij nog leven? Nog steeds ‘in Ajax’ zijn? Nog ooit de Johan Cruijff Arena bezoeken? Johnny Rep heb ik later nog wel eens ontmoet. Die was, zeg maar, bepaald niet meer het Goudhaantje van weleer. Ook de kroeg naast tante Leen heb ik nimmer meer gefrequenteerd. Want, om maar eens een mooi Engels gezegde van stal te halen, never ruin a good story with facts.

 

Onpartijdigheid. Neutraliteit. Het lijken begrippen uit een ver verleden. Voorbehouden aan (scheids)rechters of aan landen in oorlogstijd. Wat zegt het woordenboek?
Onpartijdig: 1) Afzijdig 2) Billijk 3) Impartiaal 4) Neutraal 5) Objectief 6) Onbevangen 7) Onbevooroordeeld 8) Onzijdig 9) Oprecht 10) Rechtvaardig 11) Zonder vooroordeel.
Daar zitten nogal wat positief te duiden betekenissen bij. Waardoor de conclusie gerechtvaardigd lijkt dat onpartijdigheid een toch prijzenswaardige opstelling is.

Laat ik vooropstellen dat niemand, ook ik niet dus, volstrekt onpartijdig, objectief en zonder vooroordeel is. Iemand die dat wel claimt, is aanmatigend en te weinig zelfkritisch. Wel doe ik daar moeite voor en streef ik ernaar om zoveel als mogelijk op die manier in het leven te staan.

Framing
Zonder de ‘ouwe lul’ te willen uithangen, heb ik sterk de indruk dat iemands onpartijdigheid vroeger veel meer werd gewaardeerd en geaccepteerd. De laatste, pak ‘m beet, twintig jaar lijkt daar veel minder sprake van te zijn, laat staan dat iemand zich überhaupt voor kan stellen dat je neutraal, onpartijdig en onbevooroordeeld bent. Of het nu om politieke, maatschappelijke kwesties gaat of om sportieve issues, zoals bijvoorbeeld iemands positionering als voetballiefhebber – een discussie op een van deze gebieden loopt steevast uit op aantijgingen dat jouw mening is ingegeven door iets of iemand waar je voor of tegen bent. En dat je dus tot een bepaalde groepering, stroming of club behoort. Het feit dat je beweert onpartijdig te zijn alleen al roept ongeloof en verdachtmaking op. Net zoals deugen ineens geen visitekaartje meer is, maar kennelijk moet worden geschaard onder de verderfelijke karaktertrekken.

Heb je kritiek op Trump, dan vind je alles goed wat Obama deed en wat de democraten willen. Maak je je zorgen over het klimaat, dan ben je een deugmens – of gutmensch – en ben je dus blind voor de economie en de boeren. Hekel je Baudet of Wilders, dan ben je links en een Klaver-adept. Maak je een grap over Ajax, dan ben je vast en zeker een Feyenoorder of een PSV’er. Kom je uit het zuiden, zelfs uit (de regio) Eindhoven, dan móet je wel voor PSV zijn.

In het hedendaagse jargon, dat blijkbaar niet om het Engels heen kan, heet dat framing. En wie niet over zijn schuttinkje heen kan kijken, zit in een bubbel. En gaat er vanzelfsprekend, maar vooral gemakshalve, vanuit dat de opponent eveneens in een bubbel zit, dus zich ook bezondigt aan framing. Waardoor de wereld lekker overzichtelijk blijft, men niet al teveel hoeft na te denken en dus verder geen moeite meer hoeft te doen om zich te verdiepen in een ander persoon of standpunt. Reacties worden automatismen en verlopen volgens vaste patronen. Overigens wordt de bubbel hier door De Correspondent vakkundig doorgeprikt.

Social media
Natuurlijk is dit van alle tijden, maar onder invloed van social media breidt zich dit uit als een olievlek – of, actueler, als een virus – en komt alles onder een vergrootglas te liggen. Mensen waarmee je zonder het bestaan van social media nooit een woord zou wisselen, mengen zich in een discussie en spelen binnen de kortste keren op de man met interpretaties alsof ze jou al jarenlang kennen. Dat is dan nog tot daaraan toe – het wordt pas echt vervelend wanneer je in discussie raakt met mensen die je wel kent of die je in bepaalde andere situaties hebt meegemaakt. Die situaties waren dan doorgaans functioneel van aard en leverden daardoor ook geen enkel probleem op.

Maar net zoals je met personen waarmee je gezellig sport of op stap gaat, beter niet dieper in kunt gaan op politieke, maatschappelijke kwesties om de lieve vrede te bewaren, zo geldt dat ook en vooral voor social media. Het probleem is dat dit nauwelijks tot niet te vermijden is, tenzij je je helemaal afzijdig houdt van social media natuurlijk. Dat is niet het geval, dus word ik nogal eens onaangenaam verrast door zowel de inhoud als de toonzetting van een bericht van iemand waarmee ik een goede band denk te hebben of die ik in ieder geval anders had ingeschat.

Mijn reacties weer daarop vallen meestal dood als vet in een glas bier. Ze stuiten meestentijds op een muur van onbegrip omdat mijn ‘opponent’ zich niet kan of wil voorstellen dat mijn mening niet voortkomt uit partijdigheid of voorkeur voor een bepaalde politieke kleur, groepering of persoon, dan wel voor een bepaalde voetbalclub. Waardoor inhoud en argumenten vastlopen op een ondoordringbaar woud van bevooroordeelde begroeiing.

Tentoonstelling ‘Taboe of niet?’

Taboe
Waarom toch is onpartijdigheid verworden tot een verdacht begrip, tot een schier onmogelijk bestaand fenomeen? Voor een gedeelte is dat volgens mij verklaarbaar door luiheid en onverschilligheid, maar toch vooral ook door angst, onzekerheid. Men wil ergens bij horen, heeft een bepaalde overtuiging en wil niet dat dit wordt ondermijnd door andere personen, groeperingen en inzichten. Het lijkt wel of er een taboe rust op inhoud; de toon en vorm domineren het ‘debat’. Een taboe op een op zichzelf staande mening, zonder politieke of dubbele agenda. Een taboe op authenticiteit, op onafhankelijkheid.

Binnen de eigen bubbel voelt men zich veilig en geaccepteerd, alles wat daarbuiten valt en daarvan afwijkt, wordt gewantrouwd, want vormt een bedreiging voor het gevoel van zekerheid en veiligheid, misschien zelfs wel saamhorigheid. En wie het zo belangrijk vindt om tot een groep of beweging te behoren, en daar zijn zekerheid aan ontleent, gaat er ervan uit dat iemand met een afwijkende mening op identieke wijze deel uitmaakt van een bubbel. Omdat hij zich simpelweg niet kan voorstellen dat iemand anders daar geen of veel minder behoefte aan heeft; dat een ander meer zelfstandig en eigenzinnig tegen de wereld aankijkt.

Het is een min of meer begrijpelijke, maar daarom niet minder te betreuren ontwikkeling. Het maakt de onderlinge verstandhouding er niet beter, zeker niet prettiger op. En het verhoogt geenszins de kwaliteit van discussies, maar versterkt daarentegen wel het onbegrip en de onverdraagzaamheid. Het verengt en verarmt de argumentatie, doet de denkbeelden en standpunten verstarren.

Is er nog hoop voor de onpartijdige, neutrale medemens? Het stuwmeer van meningen, aantijgingen en verwijten over en weer omtrent de coronacrisis belooft weinig goeds in dit opzicht. Een land met 17 miljoen bondscoaches en virologen op dat ene kleine stukje aarde is natuurlijk ook een ideale voedingsbodem voor onderling gehakketak en gekissebis. Tegelijkertijd zijn we wel nog steeds het onaantastbare, ongeëvenaarde poldermodel van en misschien wel voor de hele wereld. En dat geeft deze eigenzinnige burger toch ook weer moed. Lang leve de onpartijdigheid!

Coronaweeën

Nooit gedacht nog ooit met een lockdown te maken te krijgen. Sterker, tot aan begin dit jaar kende ik zelfs het hele woord niet. Ook al omdat ik allergisch ben voor de onstuitbare rush van Engelse termen in ons taalgebruik. Rush komt uit de sport, dus dat mag dan weer.

Inmiddels nemen we lockdown in de mond als ware het borstvoeding en tikken het in alsof het deel uitmaakt van het aap-noot-mies-leesplankje. Beschouwen we het woord nader, dan valt er nog wel het een en ander op aan te merken. Letterlijk vertaald is het sluit neer, of neersluiting. Dat kennen wij niet. Of het moet zijn dat nogal wat mensen zich niet neerleggen bij de sluiting. Lockup, opsluiting, zou dat niet een betere term zijn geweest? Daar staat weer tegenover dat – wil je de talloze opgevoerde en zelfverklaarde ‘deskundigen’ geloven – menigeen lijdt aan een modern lockdown-syndroom. Dus niet zij die Down zijn van of met Johnny, maar degenen die neerslachtigheid ervaren door de lockup. Zelfs depressie (geen economische) wordt niet geschuwd. Zo bekeken, is lockdown een selffulfilling prophecy. Zó allergisch ben ik dus ook weer niet…


undefined

Tot zover de luchtige toon en de voor mij nu eenmaal onweerstaanbare woordspeelsheid. Want wat kan ik me storen aan de schier onvermijdelijk repeterende geluiden rondom het corona-vraagstuk en de maatregelen en gevolgen die hieruit zijn voortgevloeid! Laat ik vooropstellen dat ik een verklaard voorstander ben van de Nederlandse aanpak, detailkritiek daargelaten. En in aanmerking genomen dat dat men qua voorraad beschermings- en testmateriaal ervoor had moeten zorgen dat we beter voorbereid waren op een pandemie als deze, gelet op de voorgeschiedenis. Maar verder mogen we ons gezegend achten met kwaliteitswetenschappers en -medici als Jaap van Dissel, Marion Koopmans en Diederik Gommers. En dat geldt ook voor het kabinet, waarbij ik dan even buiten discussie laat dat bezuinigingen en marktwerking in de zorg door deels dezelfde bewindslieden veel schade hebben aangericht in het bijna verlopen laatste decennium.

Mijn ergernis betreft vooral de uit alle hoeken voorgestelde adviezen en ‘oplossingen’ om de lockdown eerder te versoepelen. Of zelfs op te heffen in weerwil van wat het – en daar zijn we weer – Outbreak Management Team (OMT) adviseert dan wel beslist. Of als men vindt dat het OMT dit niet snel genoeg aangeeft. Door vooral ‘ondernemend Nederland’ tot vervelens toe aangeduid met ‘de overheid geeft geen of niet voldoende perspectief’ of ‘zet geen stip aan de horizon’. Ook afkomstig van personen die vinden dat de tot dusver gekozen route (prioriteit volksgezondheid/terugdringen virus) ten koste gaat van een nóg ziekere patiënt (de steeds zwakker wordende economie). Daarbij wordt vaak de nadruk gelegd op het feit dat de jongere, economisch vitale burger onnodig lijdt onder de te grote focus op de kwetsbare oudere, improductieve medemens. Er wordt schaamteloos gesuggereerd, zelfs gepropageerd, dat die ouderen maar een stapje terug moeten doen ten faveure van de jongeren. Velen zouden daartoe bereid zijn. Waarmee en passant wordt gesuggereerd dat, zeg maar, 60-min veel belangrijker is voor de samenleving c.q. veel meer schade ondervindt van de coronamaatregelen.

Zelfs als we ervan uitgaan dat dit klopt – hetgeen ik zeer betwijfel – is het een verwerpelijk, want discriminerend plan. Hoezo solidariteitsgedachte? Hoezo wij lossen dit samen op? Nee, de zestigplussers hoeven geen respect en dankbaarheid voor het opbouwen van het land na de Tweede Wereldoorlog. Of voor het feit dat ze vrijwel allemaal minstens veertig jaar lang fulltime hebben gewerkt, omdat ze geen geld en/of tijd hadden om door te studeren. En de meesten van hen kunnen best lachen om een goede ‘ok boomer’-grap. Maar het opperen alleen al… Hoe kan men van ons verwachten, laat staan eisen, dat wij onszelf ‘ophokken’ om de economie vrij baan te geven?! Het is niet alleen vele bruggen te ver en amoreel, maar ook nog eens (excusez le mot) contraproductief.

Een aanzienlijk deel van de zestigplussers is ofwel nog aan het werk, ofwel zeer actief in het verenigingsleven, dan wel als vrijwilliger werkzaam in de zorg of het welzijnswerk. Ik durf zelfs te stellen dat de ouderen- en gehandicaptenzorg volledig in elkaar zou storten zonder deze vrijwilligers. Zelfs de ziekenhuizen zouden zwaar onthand zijn. Dat dit op zich een wrang bewijs is voor de gebrekkige organisatie van de zorg, is weer een andere discussie.

Vrijwilligerswerk als opstap naar meer - Hoornsdagblad.nl

We zijn nu zo’n twee maanden ver in het coronatijdperk en hebben zowat elke groepering die gedupeerd wordt, of zich in ieder geval gedupeerd vóelt door de beperkende maatregelen, in de media voorbij zien komen. De ene na de andere groepsvertegenwoordiger, ervarings- of anderszins deskundige waarschuwt ervoor dat de onderhavige groepering down en out dreigt te geraken als de overheid daar niet meer aandacht aan schenkt. Daarvoor krijgen ze ruim baan van onze media; van talkshow tot nieuwsrubriek, van dagblad tot de razend populaire podcast. De verantwoordelijkheid van onze media om de zich gedupeerd voelende personen tegen zichzelf te beschermen, is mijlenver te zoeken. En dan heb ik het nog niet over de luiheid en het gebrek aan creativiteit die resulteren in steeds dezelfde (soort) gasten en onderwerpen.

Want natuurlijk kan een ondernemer die denkt dat hem het water aan de lippen staat, niet relativeren als hem een microfoon onder de neus wordt geduwd. Natuurlijk wil een deskundige zich profileren en zich opwerpen voor de groepering en het vak waarvoor hij of zij heeft geleerd, als deze wordt uitgenodigd en de camera draait. En uiteraard denkt iemand van twintig jaar dat zijn of haar mensenrechten worden geschonden met twee maanden lang niet te mogen feesten en chillen. Toen ik twintig was, trok ik me ook weinig tot niets aan van het welzijn van de ouderen of van de politieke, maatschappelijke situatie. Maar dan hoef je zo’n ontstemde jongere toch nog geen podium te geven in een landelijk dagblad om dat te ventileren alsof dit een legitieme verontwaardiging is? Met bovendien het treurige gevolg dat zo’n jongmens op allerlei manieren te kakken wordt gezet op de sociale media.

Dan hoor en zie je ’s avonds ook nog eens een mee- en zich inlevende oudere als Catherine Keyl, die zegt ‘gerust haar cafébezoek te willen opofferen voor de jeugd die dat veel harder nodig heeft’ en ‘dat ze zelf toch al eindeloos in cafés en restaurants heeft gezeten’. Nou, laat ik het dan eens omdraaien: de ouderen hebben niet zo heel veel tijd meer om in de kroeg of waar dan ook hun vertier te zoeken, terwijl de jeugd nog vele jaren voor de boeg heeft om zich lam te zuipen en vol te vreten. Wat is nou twee maanden tot een halfjaar op een nog pril mensenleven in tegenstelling tot diezelfde periode op een mensenleven dat in de herfst is aanbeland?

Catherine vanaf 11.00 min.

Zonder ook maar iets te willen afdoen aan het leed en de bezorgdheid van ondernemers; aan het zeer lastige parket waarin jongeren zitten die hun energie en levenslust niet kwijt kunnen of studenten die in velerlei opzichten in de knel raken; aan artiesten, (klein)kunstenaars, acteurs en musici die hun creativiteit niet kunnen uiten en daardoor ook ernstige financiële schade lijden – we zitten allemaal in hetzelfde schuitje. We hebben geen van allen hierom gevraagd, we zijn hier geen van allen verantwoordelijk voor, maar we zijn wel gezamenlijk medeverantwoordelijk voor de wijze waarop dit moet worden opgelost. We moeten gezamenlijk de lasten dragen om te zijner tijd de lusten weer te kunnen ervaren.

Bovendien is het helemaal niet nodig om ouderen te vragen een stapje terug te doen. Zij doen dat van nature al, een enkele uitzondering zoals 50Plus daargelaten. Zij zoeken instinctief de drukte al niet meer op en blijven uit onszelf al veel vaker thuis. Dat deden ze ook al ver voor het coronatijdperk. Net zoals eenzame en neerslachtige mensen dit in de meeste gevallen ook al waren voordat de lockdown in zwang raakte. En dan heb ik het nog niet over de sociaal minder vaardigen, die juist opbloeien in deze tijd zonder de druk van sociale verplichtingen. De ambulante zorg en ondersteuning die ze toen wel of niet kregen, is tijdens deze lockdown grosso modo niet veranderd. Al geldt dat helaas niet voor de intramurale zorg om moverende redenen.

De horeca zou nu best gefaseerd en gestructureerd kunnen worden opengesteld, want jongeren zullen sowieso nauwelijks last hebben van ouderen. Dat hadden ze voorheen ook al niet. Bovendien zullen ouderen het zeker nu niet op gaan zoeken. Niet omdat het hun wordt opgelegd, maar omdat zij uit zichzelf verstandig genoeg zijn om de juiste plek (terras) of het juiste tijdstip (overdag) te kiezen. De 60-min economie bestaat dus allang als een natuurlijke ontwikkeling van de samenleving. Niet als decreet, maar uit vrije keuze.

Mensen houden afstand.

In veel meer opzichten dan we zelf beseffen, is ons leven helemaal niet zoveel anders dan in het pre-coronatijdperk. Ook de jongeren die zich nu ernstig in hun vrijheid beknot voelen, zaten voorheen al uren binnen met en op hun telefoon te spelen en te appen.

Het zijn zware tijden en de naaste toekomst baart zorgen, zeker zolang er nog geen vaccin is gevonden. Maar het is aannemelijk en realistisch dat we hier weer bovenop zullen komen. Het is geen oorlog, bij lange na niet. Wie deze abjecte, want geheel mank gaande vergelijking maakt, moet maar eens naar de Bevrijdingsjournaals kijken die nu elke avond op tv worden uitgezonden.

Nee, mijn 60+-generatie heeft de oorlog ook niet meegemaakt. Wij zijn ons daarentegen wel heel erg bewust van de enorme invloed die deze afschuwelijke periode heeft gehad op degenen die daar wel mee werden geconfronteerd. Het woord lockdown bestond toen nog niet. In oorlog ligt namelijk alles opgesloten.

<span>%d</span> bloggers liken dit: