Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘misbruik in Katholieke Kerk’

Voorwoord: zo op het eerste oog hebben kindermisbruik, doofpotpraktijken, onnodige bezuinigingen en misstanden in zorg, bedrijfsleven en politiek niet zoveel met mekaar te maken, behoudens dan de verwerpelijkheid en impact ervan. Qua oorzaken en procesverloop lijken ze op hun eigen merites te moeten worden beoordeeld. Naar mijn stellige overtuiging ligt echter aan al deze zaken, zeker voor wat betreft ontstaan en afwikkeling, een en dezelfde, hardnekkige kwaal ten grondslag: een structureel, fundamenteel gebrek aan bereidheid en vermogen tot samenwerking. In twee afleveringen zal ik dit pogen te duiden en te onderbouwen. Dit keer zonder ironie of kwinkslag. Al jarenlang broeit en borrelt deze aanklacht in me. De actuele,  schokkende schandalen brengen het nu onstuitbaar aan de oppervlakte.

Woede, verbijstering, agressie, afschuw en machteloosheid vechten om voorrang als ik denk aan of geconfronteerd wordt met de zaak over kindermisbruik in Amsterdam. Of in Nijmegen bij de voetbalclub SV Hatert. Of denkende aan Benno L. Enzovoorts, enzovoorts. De machteloosheid komt voort uit het reële, maar daarom niet minder schrijnende besef dat dit soort affaires nooit geheel uit te bannen zijn. De overige emoties richten zich natuurlijk vooral op de dader(s) en op de markt en het klimaat die het mogelijk maken om dit soort gruwelen in de praktijk en aan – het is helaas meestal zo – de man te brengen.

Toch zijn mijn woede en agressie minstens zo sterk gericht op de onvoorstelbare incompetentie en achteloosheid, om niet te zeggen onverschilligheid van personen en instanties in een eerder en cruciaal stadium van dit soort zaken. Alleen dát al is uiterst laakbaar. Maar niet zelden gaat het ook om doelbewuste, doofpot- en na-mij-de-zondvloed-handelingen. Of nalatigheden. Telkens weer opnieuw blijkt dat er in dit soort affaires meerdere momenten en/of situaties zijn geweest waarbij, om wat voor redenen dan ook, doelbewust niet is ingegrepen. En indien wel, dan met het oogmerk om een schandaal te voorkomen en om uit de publiciteit te blijven. Onderdeel daarvan is het nalaten om andere instanties, geledingen of personen in te lichten, waardoor deze(n) zich hadden kunnen wapenen tegen naderend onheil. En zelfs zou je nog kunnen stellen dat daarmee wordt verzuimd de dader(s) tegen zichzelf in bescherming te nemen.

Het is uiterst wrang om dit telkens als een automatisme te moeten constateren. In elk geval zou ik, als ouder of dierbare van een slachtoffer, krankzinnig worden in het besef dat ‘men’ op een relatief eenvoudige wijze het onbeschrijfelijke leed  had kunnen voorkomen. Zelfs beseffende dat je hier nooit een garantie voor kunt krijgen, dan nog zou ik het de in gebreke gebleven personen of instanties uiterst kwalijk nemen. Ik vraag me ook in gemoede af of ik hiermee wel zou kunnen leven. Want geloof me: ofschoon verafopa, kwam het heel dichtbij!

De schrijnende voorbeelden van dit verderfelijke, ogenschijnlijk onuitroeibare, verdoezelingsgedrag liggen helaas voor het oprapen. Extra pijnlijk is de constatering dat het in de ‘beste families’, in de ‘hoogste’ kringen en bij de meest ‘geachte’ personen en instanties voortkomt. Niet zelden is het een van de uitwassen van het ‘Old-Boys-Network’, een gevalletje van ‘ouwe-jongens-krentenbrood’. Uit angst voor bevlekking van het blazoen, met mogelijk als gevolg gezichts- en inkomstenverlies. Ter voorkoming van slepende procedures of van wat dies meer zij: het leidt schier onontkoombaar tot doofpotpraktijken en struisvogelpolitiek.

Als blijkt dat men echt niet meer om ingrijpen heen kan, dan beperkt men zich tot het schoonvegen van het eigen straatje. Waar de potentiële recidivist naartoe gaat, wat deze elders teweeg kan brengen: “Het zal ons verder worst wezen, want wij zijn van het probleem af”. Hoe anders kan worden verklaard dat eerder veroordeelde personen, of waarvan het misbruik is bewezen, schijnbaar moeiteloos elders emplooi vinden?! Waarom neemt een professionele bestuurder of hulpverlener, waarvan je toch zou mogen verwachten dat deze zich ook verantwoordelijk voelt voor de cliënt buiten zijn eigen werkkring, niet de moeite en de verantwoording om werkelijk alles in het werk te stellen om herhaling te voorkomen??!!

Een sprekend, beter gezegd stilzwijgend, voorbeeld is de affaire Jansen Steur in het Medisch Spectrum Twente in Enschede. Nota bene degene die ten tijde van deze affaire hoofdinspecteur was van de  Inspectie Gezondheidszorg, dhr. Herre Kingma, wordt later de bestuursvoorzitter van MST! Het dossier staat bol van de omkoop- en doofpotperikelen. En let wel: Jansen Steur kon zijn dubieuze praktijken rustig voortzetten in Duitsland. Wij zijn er vanaf, wij hebben ons (juridisch) ingedekt, wij hebben het protocol nageleefd. De morele plicht, voor zover hier al sprake van is, strekt zich niet verder uit dan tot de eigen (net)werkkring. Een schrijnend en schokkend staaltje van ‘na mij de zondvloed’. Wordt vervolgd.

Read Full Post »

<span>%d</span> bloggers liken dit: