Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for the ‘3. REST’ Category

Eigen tekst, gemaakt en voorgelezen door Hein:

Harrie en ik hebben veel gemeen. We zijn beiden voetbalfanaat, veelschrijver, eigenwijs, vasthoudend, zo niet stijfkoppig. En we maken graag grapjes, al geef ik meteen toe dat de zijne meestal veel leuker waren dan de mijne. Misschien is het wel zo dat je na een kleine twintig jaar lang intensief met elkaar verkeren ’n beetje op mekaar gaat lijken, maar toch.

Ik wist wat hem bezielde. Ik voelde zijn gedrevenheid, zijn passie en zelfs zijn obsessie voor de bal en voor de pen. Meestal kon ik me in hem verplaatsen.

Zijn fatale ziekte maakte dat echter steeds moeilijker. Maar toch bleef, achter en door de lichamelijke aftakeling heen, steeds zijn zeer persoonlijke, specifieke karakter aanwezig. Wanneer je daar tenminste oog en oor voor had.

Zoals gezegd, wij pennen wat af. Soms tot vreugde, soms tot verdriet van anderen, maar schrijven doe je toch vooral voor jezelf. Wanneer Harrie even genoeg had van de aandacht en zorg om hem heen, dan gaf ie aan te willen schrijven.

En zo werkt dat bij mij ook. Tijdens de vele doorwaakte uurtjes die ik de afgelopen periode heb beleefd, deed mijn beleving van Harrie’s omgang met zijn ziek-zijn mij regelmatig naar de pen grijpen. Een weerslag hiervan lees ik nu voor. Ik denk vooral ter zelfverwerking, maar toch ook als een soort eerbetoon aan Harrie zelf en aan mijn geweldige collega’s, onze fantastische bewoners en Harrie’s dierbare, naaste familieleden.

half aug.

hij oogt hol, zijn buik puilt
hij wil dat ik dol, mijn hart huilt
ik sla een kwink, zijn lach grimast
meer humor in zijn pink dan in mijn hele bast

hij kijkt zich aan, zijn blik verstart
hij oogt ontdaan, bang en verward
ik boor aan de trukendoos, leid hem naar en om de tuin
ik vermei hem schaamteloos en kus hem op z’n kale kruin

weet je nog van Waterreus? en dat we juichten voor de buis?

wat gaat er allemaal door je heen?
wij allen denken het te weten
wat gaat er door jouw merg en been?
hoe vaak hebben we er niet naast gezeten?

trouw omarmt hij elk bezoek
en geeft hen een uniek gevoel
voor hem ligt een open boek
want schrijven is zijn levensdoel

wie schrijft die blijft
als er dan dus iemand…
woede die verstand verdrijft
onmacht krijgt de overhand

maar hij is al doorgelopen
zijn beleving gaat op stap
terwijl de ziektes zijn lichaam slopen
lacht-ie om alweer een grap

begin sept.

grapjes maken is taboe
plagen helemaal uit den boze
aan schrijven kom je nauwelijks toe
momenten worden uitgekozen

steeds vaker met dat neusje trekken
een alsmaar meer vermoeide blik
“om half acht moetje me wekken”
tot aan het eind toe vaste prik

“een ei aan twee kanten gebakken
’n sneetje wit maar zonder korst”
behoefte om je vast te pakken
maar ook regeren als een vorst

je klampt je vast aan kleinigheden
die groots in jouw beleving zijn
maar door warme zorg omgeven
van allen die jou dierbaar zijn
bleef jouw kwaliteit van leven
tot het laatste toe op lijn

stilletjes ben je heengegaan
en dat ik in de buurt verbleef
heeft me heel erg goed gedaan
iets dat mijn onmacht wat verdreef

het beeld, de herinnering beklijft
jij hebt eenieder iets gegeven
inderdaad Harrie, wie schrijft die blijft
in mijn gedachten altijd leven.

Read Full Post »

Noot vooraf Mazuro: onderstaande column is van de jaloersmakende, stilistisch taalvaardige hand van destijds collega Jan ter gelegenheid van mijn 25-jarig Severinus-jubileum. Bovenaan prijkte een portret uw stukjesschrijver, getooid met een – zoals Jan zo treffend typeert – Paulus de Boskabouter-baard. Helaas voor u en gelukkig voor mij is deze afbeelding niet meer, want gesneuveld in het scan-verkeer. Om dit te visualiseren, zult u uw fantasie dienen aan te spreken. Al geldt dit natuurlijk wat minder voor hen die toentertijd in mijn nabijheid verkeerden.
Maar ook nu nog ben ik zeer vereerd met dit humoristisch en knap geschreven eerbetoon.

Over Meurs, 25 jaar aan de zaak, dus het moet in ’74 geweest zijn dat hij op z’n Venray’s geschoold in de psychische roerselen der mensheid, z’n groene onderbroek nog aan, aanklopte voor de genade van Sint Severinus. De juiste lesgroep om ooit baas van de dag te kunnen worden, gewapend met een vrolijke Paulus de Boskabouter-baard en een even scherp verstand en z’n haren niet te lang, moest het toch gaan lukken!

Aanvankelijk leek de weg ook duidelijk hoe je via groepsoudste, assistent tot in het bos der hoofdkabouters kon komen, ware het niet dat het vaderschap, de moeder der buitenhuizen ( of het nu een moetje is geweest, daar zijn we nog niet uit), zijn prille carrière een geheel andere wending zou geven. Edoch, de notitie opstart buitenhuizen onder de arm, omringd door uitgegroeide persoonlijkheden, utopieën over integratie, verhitte tb’s op kleine slaapkamertjes; jaloerse buurmannen , vrijers die zich als packman’s naar binnen knabbelden, de clown Hermano; niets is de goede man bespaard gebleven. Dat hij van hogerhand zelfs de opdracht de heren zijner zorg als echte mannen te leren plassen serieus genomen heeft, bewijst de gekoester­de, antieke pisbak die zelfs de laatste verbouwing gespaard moest blijven. De normalisatie hing in de lucht en dat hierop een voorschotje werd genomen tijdens onvergetelijke strandvakanties, weet ik alleen maar van vergeelde plaatjes uit stoffige albums. Het moet ook welhaast in die tijd geweest zijn dat het schrijversbloed ging kriebelen. Mijn eerste kennisname van zijn vlijmscherpe pennenvrucht – het handelde hier om bewoners die per se op vakantie naar de maan wilden en ternauwernood door de directie onderschept waren toen ze zich vergezeld door een paar geiten wollen sokken inriemden in de Apollo 13 – dit stukje gaf me nog het geruststellend gevoel dat als Hans Auer hier bijsappelde (van Meurs had ik immers nog nooit gehoord, laat staan van Primeurs) er in ieder geval iemand was die het volk wakker hield, zodat we wel snel operant en uitgeconditioneerd zouden zijn. Wist ik veel dat hij z’n pennen nog scherper zou slijpen, politiek geëngageerd  zou raken, nog iets van voetbal wist en dat z’n animistisch gefarmde analyse de jonkheren van de oude adel zo diep in hun ziel zou raken ?

Enfin, het was de tijd van pet met de Z en met de kruisraket tegen de slaap was voor een ieder de spanning groot.

Ik denk,om te voorkomen dat de spreekwoordelijke mug tot een olifant zou uitgroeien, hebben we het een aantal jaartjes moeten doen zonder zijn briljante analyses, zijn heldere kijk, zijn flitsende taalgebruik, zijn onovertroffen woordspelingen. Beste Hein, ik ben niet onder invloed van alcohol, refereer ook niet accidenteel aan een epistel uit financieel economische hoek, nochtans desalniettemin dient een jubilaris nu eenmaal het graf in geprezen te worden. Wat volgde waren de jaren van cocooning, omringd door bevallige buschauffeuses, genenbank ter voortcloning van het normaal wonen-concept, alleen verstoord door wakkere brandweer lieden en een klein verbouwinkje op z’n tijd, werden zijn taalkundige capriolen alleen via een enkel radioprogramma wereldkundig. Voor z’n personeel, inmiddels tot boventaalse prestatie opgelimmerickt, moet het verzoek een onzer coryfeeën zich wederom in de slangenkuil van het columnistendom te storten een geschenk uit de hemel zijn geweest. Dat dit episteltje zo nu en dan “very personel inside information” (om maar eens in modernistisch taalgebruik te vervallen) bevat, moet u me maar vergeven. Dat het zich hier handelt om een krasse knar (zeker geen krassende knar), die “hoog leve in de gloria”, is u hopelijk niet ontgaan. Z’n kritische kijk van weleer heeft hij behouden, zijn taalgebruik is uitgebotteld als het zonovergoten sap der betere jaren. There he is ! Still alive and kicking!

Read Full Post »

ILLUSTRATIE DEBUUTCOLUMN

ill.alarm

Read Full Post »

« Newer Posts

%d bloggers liken dit: