
Insiders weten dat ik een groot voetballiefhebber ben, zeg maar gerust een fanaat. Diezelfde ingewijden (kunnen inmiddels ook) weten dat ik mijn gezonde verstand en kritische geest niet door deze passie laat ondersneeuwen. Dit kunt u lezen op het onvolprezen, door oudste zoonlief bedachte, kritisch knipogende voetbalblog Voetblah, waarop ik met grosso modo gelijkgezinden minimaal wekelijks publiceer. Maar ook dit weblog getuigt van een breder belangstellende blik die, in voetbaljargon, over de bal heen kijkt. Vandaar dat ik me niet alleen geroepen, maar tevens gelegitimeerd voel om het vrijwel unaniem als complete voetbalgekte aangemerkte pandemonium rondom Ajax nader te beschouwen. En zelfs de pretentie heb om althans een poging tot verklaring te doen.
Dat ik dit op mijn eigen weblog en niet op Voetblah of via een ander sportief kanaal doe, komt voort uit een mengeling van plaatsvervangende schaamte en behoefte aan duiding als ik denk aan het segment in onze samenleving dat helemaal niks met voetbal heeft of zelfs haat. Een segment dat qua omvang en negatieve waardering zeker niet zal zijn gekrompen door de recente, onverkwikkelijke Ajax-perikelen. Onder mijn vaste lezers zijn er ongetwijfeld velen die zich onder dit segment zullen scharen.

Maar het is, zoals de titel en inleiding al aangeven, niet alleen een soort van excuus aan al degenen die (n)iets met/tegen voetbal hebben. Het beoogt ook een verklaring te zijn, misschien zelfs wel een legitimatie, voor gebeurtenissen die zeker op het eerste oog en oor – met dank aan Bram Moszkovicz – abject en infaam zijn. En voor de antagonisten: dit gevoel overheerst ook bij vele protagonisten. Zoals, zeker aanvankelijk, ook bij mij. Tegelijkertijd gaan velen met een een dubbele moraal aan de haal met dit verhaal. Naar buiten toe afkeuringswaardigheid, zelfs weerzin prediken en ondertussen stiekem smullen van de sensatie.
Vooropgesteld: de overvloedige, monomane aandacht voor dit koningsdrama in optima forma ging alle perken te buiten. Dat in de sportmedia gebeurt, alla, maar ook daarbuiten was het brekend nieuws, #trending topic en niet te vermijden. Zoals dit tegenwoordig ook al usance is wanneer Oranje een EK of WK speelt. Geen enkele nieuwsrubriek durft zich te onttrekken aan deze schier automatische reflex. Tsunami’s, hongersnood en Arabische of elders gelokaliseerde lentes doen er dan even niet toe. Het volk, het kijkersvee, wil spelen en koopt geen brood voor het echte wereldleed. Zo lijken althans de nieuws/programmamakers te redeneren, maar ik geloof hier geen barst van.
Als zelfs deze zelfverklaarde voetbalfanaat al constateert dat er sprake is van overkill en een flagrante miskenning van wat óók (want het doet er wel degelijk toe) belangrijk is, dan moet het bevolkingsdeel dat het er hier minstens mee eens is aanzienlijk zijn. Het is dat altijd maar weer hautain zwijgende segment, misschien wel in de meerderheid, dat maar niet in opstand wil komen, dat het zich steeds maar weer opnieuw laat aanleunen. Ik ben zelfs geneigd te stellen, dat zijn verantwoordelijkheid niet neemt. Dat zich liever elitair, snobistisch en koket in eigen kring tegen het voetbalvolk afzet dan dat het hiertegen actief, doch genuanceerd, in het geweer komt. (Laat nou uitgerekend Youp gevolgd door Govert, terwijl ik dit in de steigers zet, een als hier bedoeld ‘wij pikken het niet langer’-signaal afgeven!)
Saillant genoeg is het nota bene Ajax zelf geweest dat het eerst in intellectuele, artistieke kringen werd omarmd. Gefascineerd door de revolutionaire ontwikkeling van Cruijff en co – die bovendien de provocatieve, anti-establishment-geur van de eindjaren ’60 en beginjaren ’70 uitwasemde – schurkte menige kunst(on)zinnige BNN’er zich tegen het Lucky Ajax-succes aan. Van de jonge Freek tot de oude Youp, van Peter R. in zowel FReddy als FeRdi tot aan wie is De Mol. Ze verwerden tot zelfbenoemde dan wel gebombardeerde voetbaldeskundigen. Als factor die heeft bijgedragen tot de buitenproportionele aandacht voor het voetbal en Ajax in het bijzonder mag dit gegeven niet worden veronachtzaamd. Alle partijen houden malkander, de media en dus ons al publiek gegijzeld in hun ongebreidelde behoefte aan aandacht, gepaard aan angst om in de vergetelheid/lage kijkcijfers te geraken.
Alle vermaledijde, onverkwikkelijke uitwassen van de Ajax-soap ten spijt, kan ik er niet genoeg van krijgen. Omdat het door te trekken is naar het leven, de maatschappij, het mens-zijn zo u wilt. In wezen is het al lang van het voetbal losgezongen. De onontwarbare medialijntjes doen de rest.
Slangenkuil, achterklap, karaktermoord, hoogverraad, intriges, manipulaties, kinderachtigheid en egomaan gedrag pur sang: het heeft alle kenmerken en ingrediënten van het echte (zaken)leven en de politiek. Alleen in het voetbal en in het bijzonder bij Ajax ligt het meteen op straat, lult iedereen mee, vormt Jan en alleman zich een mening en kiest men partij. Democratie in optima forma. In het bedrijfsleven en in de politiek zijn dit soort zaken schering en inslag, maar blijft het meestal binnens/achterkamertjes. In een enkel geval wordt er jaren nadien een kamerdebat of, als je ‘geluk’ hebt, een parlementaire enquête aan gewijd. Waaruit dan de verderfelijke geur van jarenlang rottend vullis opstijgt.
Er is nóg een element dat mijn poging om dit fenomeen te verklaren legitimeert en dat is mijn leeftijd. Ik stond aan de wieg van zowel de sportieve opkomst als de huidige, bestuurlijke afgang van Ajax. Ik doorleefde zowel het fenomeen Cruijff als het unieke verschijnsel Van Gaal. Ik bewonder alsmede verwerp het doen en laten van beide opponenten. Ik ben een der logischtieken/Cruijffianen én een evanGaalist. Of beter nog, geen van beiden. In de 2e aflevering ga ik dieper in op de ontstaansgeschiedenis en het verloop van dit klassieke, o zo menselijke, (grotendeels generatie)conflict.
- Afbeelding Van Gaal/Cruijff komt van www.ajax.nl
- Afbeelding antagonist/protagonist is van noctriate.deviantart.com
- Afbeelding slangenkuil is afkomstig van photographyabdu.com
Dag Heins,
Goed geschreven, mooi stuk. Interessant. Ik blijf je volgen. Dat je de enige was die negatief reageerde op mijn column over Blom, maakt vanzelfsprekend niet uit. Dat hoort bij het leven, bij het voetbal. Ik heb inderdaad niet op al te hoog niveau gevoetbald, maar na al die jaren ben ik er allang achter dat dat ook niet nodig is om een goede journalist te zijn. En gelukkig kan ik goed zien wanneer ernstig gemeen spel aan de orde is, met het gevaar de tegenstander te blesseren.
Hartelijke groet,
Willem Vissers
Nou Willem, ben zeer vereerd te worden gevolgd door een figuurlijk en letterlijk gelouterde journalist. En ook al heb je dan, net als ik trouwens, op niet al te hoog niveau gevoetbald, sportief ben je in elk geval wel, getuige je reactie op mijn kritische noot. Maar kan nauwelijks geloven dat ik de enige was, omdat de meningen over de ernst/straf, naar verluidt, toch behoorlijk verdeeld zijn. Overigens ben ik wel degelijk voor streng optreden tegen spelverruwing, wie niet zou ik bijna zeggen. Maar ik vind wel dat we kien moeten blijven op de intentie (al dan niet opzet). Anders vrees ik dat er wel erg met de rem erop gespeeld gaat worden en er veel aantrekkelijkheid verloren gaat.
Hartelijk gegroet,
Hein/Mazuro
Ps. Mag ik je, wellicht ten overvloede, nog attenderen op ons, grotendeels familiair, voetbalweblog http://www.voetblah.nl? Dagelijks een verse, opiniërende, knipogende voetbalpost.
Prioderm werkt uitstekend tegen schaamluis. Rigoureuzer is het kaalscheren, hoewel het besmettingsgevaar daarmee nog niet is uitgeroeid.
Smullen van het koningsdrama. De columnistenpen: geef ons heden ons dagelijks brood en spelen. Vooral de Ajakkeslieden likken er de vingers bij af. Kruifjes tussen de tanden vermalen in Rotjeknor en Glowstad.
Al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding.
Wie mag wie vlooien? Leve de chaos. Wie gaat er met het derde been vandoor?
Vandaag deel 2 Jur. Want het worden er 3, een koningsdrama waardig. Zelfs een aap met jouw (g)oude(n) ring, de predikant, heeft zich in de strijd gemengd. Geef ons heden ons dagelijks brood en dubbelspelen. Nog even niet amen.